Het leven is als springen op een trampoline. Je springt hoog maar soms ook laag. Soms is er genoeg lef voor een salto, op een ander moment is meeveren alles wat ik waag. Hoog vliegen is euforisch, je kunt de hele wereld aan. Laag zijn er weer twijfels, heb ik het wel goed gedaan.
Zo deint menszijn mee op ons gemoed.
Van hoog naar laag naar diep en traag en alles tussenin. Staat van zijn volgt de gedachten, annimatie door bewustzijn wordt gevoeld. Van blij naar boos naar machteloos, naar alles tussenin.
Maar net als bij het springen kent menszijn altijd een moment waarin blijkt dat wat we dachten eigenlijk niet bestond. Veerkracht duwt ons weer omhoog, geeft zicht op nieuwe wegen en dartelt in het rond.
Het leven wordt weer lichter, zelfkritiek verstomd. Je durft weer hoog te springen en valt weer vol vertrouwen in de veerkracht op je kont.
